Volgens de Centrale Commissie voor de Rijnvaart - CCR - leent de RIS zich ervoor de veiligheid en concurrentiepositie van de binnenvaart te verhogen en te verbeteren. Al met Besluit 1998-I-24
had de CCR haar technische comités opdracht gegeven de ontwikkeling van RIS te ondersteunen. Naar aanleiding daarvan werd met Besluit 2001-II-19
een omvangrijk rapport aangenomen, waarin de nieuwe technologieën werden geïntroduceerd en toepasselijke maatregelen werden voorgesteld. Tegelijkertijd werden de taken van de bestaande werkgroep Inland ECDIS uitgebreid en werd de Werkgroep RIS ingesteld die ressorteert onder het Comité Politiereglement.
Aansluitend nam het CCR het volgende aan:
Op basis van het aannemen van de standaarden voerde de CCR voor bepaalde schepen die containers vervoeren, de verplichting tot elektronisch melden in. Bovendien stelt de CCR momenteel de regelgevende en organisatorische voorwaarden op voor de invoering van een verplichting voor het inbouwen en gebruiken van Inland AIS-apparatuur in de Rijnvaart op middellange termijn. Daarover zal de CCR mogelijk al in 2012 een definitieve beslissing nemen. Alle actuele werkzaamheden van de CCR voor RIS zijn opgenomen in het werkprogramma
De richtlijnen, de standaarden, evenals het Handboek voor de Marifonie in de Binnenvaart zijn als zodanig niet bindend. Daarom heeft de CCR in haar verordeningen Voorschriften omtrent RIS-diensten en uitrustingen opgenomen waarmee bindend diensten worden ingevoerd, uitrustingen worden georganiseerd en de scheepvaart tot het opvolgen van de standaarden wordt verplicht.
De plenaire vergadering van de CCR beslist op basis van voorstellen van de comités en werkgroepen over wijzigingen van haar reglementen. Tegenovergesteld daaraan zijn er met het oog op RIS op grote schaal beslissingsbevoegdheden met betrekking tot wijziging van de betreffende richtlijnen en standaarden of bepaalde delen daarvan overgedragen aan de commissies en de groepen van deskundigen. Daarmee wil de CCR bereiken dat de standaarden zo snel mogelijk en met zo min mogelijk inspanning kunnen worden aangepast aan de technische ontwikkeling en de huidige ervaringen.

Met Besluit 2001-II-19
heeft de CCR de Werkgroep RIS ingesteld. Deze is voortgekomen uit de ad hoc Werkgroep Inland ECDIS. De taken en vastgestelde werkwijzen die destijds bij instelling van de groep werden overgedragen, blijven leidraad bij de werkzaamheden.
Om het inzetten van RIS te bevorderen, organiseert de werkgroep RIS van de CCR om de 3 jaar een RIS-workshop. De laatste workshop vond plaats in oktober 2011.

In het kader van haar voorjaarsvergadering van 2012 heeft de CCR haar strategie voor de verdere ontwikkeling van de RIS aangenomen. Deze strategie heeft de CCR reeds in het najaar van het jaar daarvoor in het kader van een workshop en vervolgens nog eens bij een hoorzitting uitvoerig met de internationale beroepsorganisaties besproken om zich ervan te verzekeren dat het scheepvaartbedrijfsleven zich de strategie eigen kan maken en dat de strategie zo veel mogelijk aan de behoeften van het scheepvaartbedrijfsleven beantwoordt. De strategie zal op middellange termijn de implementatie van de RIS op de Rijn bepalen. Hiermee heeft zij een belangrijke mijlpaal bereikt in de ontwikkeling van de RIS, die de CCR tien jaar tevoren met het aannemen van de Inland ECDIS-standaard en de daarmee ingevoerde procedure van de standaardisering van de RIS in Europa doorslaggevend heeft gestart.
De strategie is gebaseerd op de tot nu toe uitgevoerde werkzaamheden van de CCR en EU met betrekking tot de RIS evenals op de implementatie van de RIS door de CCR-lidstaten. De strategie noemt de doelen van de CCR, die in de toekomst door de RIS ondersteund kunnen worden, en de geschikte maatregelen daartoe. In totaal betreft het 26 maatregelen, die de werkgroep qua belang en urgentie heeft beoordeeld, en waarvan zeven door het Comité Politiereglement van de CCR in haar actuele werkprogramma zijn opgenomen onder vermelding dat de uitvoering daarvan prioritair is. Met deze maatregelen wordt in het bijzonder beoogd,

De plenaire vergadering van de CCR beslist op basis van voorstellen van de comités en werkgroepen over wijzigingen van haar reglementen. Met het oog op RIS zijn daarentegen op grote schaal beslissingsbevoegdheden ten aanzien van de wijziging van de betreffende standaarden en richtlijnen of bepaalde delen daarvan aan de commissies en groepen van deskundigen overgedragen. Daarmee wil de CCR bereiken dat de standaarden zo snel mogelijk en met zo min mogelijk inspanning kunnen worden aangepast aan de technische ontwikkeling en de huidige ervaringen. De omvang van de overdracht van beslissingsbevoegdheden volgt uit de betreffende besluiten tot goedkeuring van standaarden en richtlijnen. De betreffende standaarden en richtlijnen, de commissies die voor de verdere ontwikkeling daarvan verantwoordelijk zijn, te weten het Comité Politiereglement (RP) met de Werkgroep Politiereglement (RP/G) en de Werkgroep RIS (RIS/G), evenals het Comité Reglement van Onderzoek (RV) met de Werkgroep Reglement van Onderzoek (RV/G), de aan deze commissies overgedragen beslissingsbevoegdheden, evenals de betreffende besluiten zijn in de volgende tabel weergegeven.

Bij de ontwikkeling van RIS streeft de CCR naar nauwe samenwerking met de Europese Commissie. De door de CCR uitgevoerde werkzaamheden en goedgekeurde standaarden vormen belangrijke uitgangspunten voor Richtlijn 2005/44/EG van het Europees Parlement en Raad betreffende geharmoniseerde River Information Services (RIS) op de binnenwateren in de Gemeenschap. De CCR past van haar kant de door haar goedgekeurde standaarden zo ver mogelijk aan de in het kader van de richtlijn van de Gemeenschap aangenomen specificaties aan.
